Spoorwegmuseum Utrecht

Het in 1954 geopende Spoorwegmuseum aan de Maliebaan heeft inmiddels verschillende moderniseringen achter de rug. Of elke verandering een verbetering is, daarover zullen de meningen verschillen.

Persoonlijke herinneringen

Als ik kijk naar wat er inmiddels allemaal verdwenen is, dan over­heersen bij mij de nostalgische gevoelens. Anderzijds hebben mijn dochters altijd veel plezier gehad aan de bezoekjes die we in de jaren tachtig bijna elke zondag aan het museum brachten. Wij woonden namelijk bijna in de achtertuin; onder de dakpannen van ons huisje zat nog steeds het roet van het stoomlocdepot dat hier vroeger was!

Grote verbouwingen

Het museum is twee keer ingrijpend veranderd: in 1989 en 2005. Het is bij elkaar een leuk museum geworden, maar als ik mocht kiezen geef mij dan maar weer het saaie museum dat het vroeger was, met weinig bezoekers en met een oude suppoost die in zijn glazen huisje op het perron meestal zat te slapen (foto rechts uit 1975).


Directeuren en vrienden

Het Spoorwegmuseum heeft de volgende directeuren gehad:

  • Henri Asselberghs (1928-1954)
  • Marie-Anne Asselberghs (1961-1984)
  • C. Spaans (augustus 1984-april 1991)
  • Paul van Vlijmen (1991-2015, vanaf 1987 eerst als conservator)
  • Marten Foppen (2015, ontslagen in 2017)
  • Nicole Kuppens (2017-2023)
  • Leontien Lems (sinds 2024, in oktober 2025 wist zij opvallend in het nieuws te komen door het opzeggen van de relatie met de Vrienden van het Spoorwegmuseum.)

Hieronder ook informatie over de Vrienden van het Spoorwegmuseum, een vereniging die in 1970 is opgericht met als doel het ondersteunen van het museum, zowel financieel als in de vorm van bijzondere projecten. In 2025 kwam hieraan een abrupt einde doordat directeur Lems de samenwerking met de vereniging opzegde.



Begin van het Spoorwegmuseum

"Nederlandsch Spoorweg Museum - Utrecht - Moreelse­laan 4 (bij 't Station). Verkeersontwikkeling van 100 jaren. Geschiedenis en Techniek. Behalve Maandags op alle dagen open van 11 tot 4 uur. Entree ƒ 0.10. - Voor scholen ƒ 0.05."

Strooibiljet uit 1934. Collectie Nico Spilt.

Lees meer over de oprichting en de eerste jaren van het Spoorwegmuseum. Ook over de nooit gerealiseerde nieuwbouwplannen naast Utrecht CS.


Boeken en films


Nederlandsch Spoorwegmuseum. "Enkele plaatjes met een kort woord ter inleiding door Henri Asselberghs." Amsterdam, juli 1945.

Op het omslag een werkend model van een "Zeppelin" van de NCS, de latere serie NS 3600.

Het museum werd in 1927 opgericht en was aanvankelijk ondergebracht in een van de hoofdgebouwen van de NS in Utrecht. Aan de basis lag de verzameling van spoorwegbeambte G.W. van Vloten. De collectie omvatte voornamelijk afbeeldingen, documentatie en attributen. In de jaren dertig werden de eerste initiatieven genomen tot behoud van oud spoorwegmaterieel. Als gevolg van de oorlog ging een deel hiervan verloren. Na tijdelijk ondergebracht te zijn geweest in het Rijksmuseum te Amsterdam, kon het museum in 1954 weer terugkeren naar Utrecht. Het werd ondergebracht in het in 1939 gesloten Maliebaanstation. Er was hier veel meer ruimte om de collectie aan het publiek te tonen. Ook kon er nu historisch materieel worden opgesteld. In 1941 had architect Van Ravesteyn een spoorwegmuseum ontworpen dat vlakbij Utrecht CS zou moeten komen, maar deze plannen zijn niet doorgegaan.

Het boekje laat een zeer klein deel van de collectie zien, waaronder een demonstratiebaan waarmee de werking van het armseinstelsel werd toegelicht. Op de foto zien we twee DE3-stellen rijden. Deze baan is niet meeverhuisd naar het Maliebaanstation. Daar is een grote andere baan gebouwd, waarmee het lichtseinstelsel werd toegelicht.


Klaar achter? Door J.B. Uges (Nono). Uitg. Andries Blitz, Amsterdam, 1932.

Ingeleid door de directie der Nederlandsche Spoorwegen: "... geen zwaarwichtig, weten­schappelijk, technisch of economisch werk, maar een luchtige, populaire causerie, waarin de auteur het spoorwegbedrijf met zijn vele aspecten in vogelvlucht laat zien."

In het boek staat ook een hoofdstuk over het begin van het spoorwegmuseum.


Vurig spoor. Een beknopte gids voor bezoekers van het Nederlands Spoorwegmuseum, door Henri Asselberghs. Deze gids is uitgegeven in 1960, zes jaar na de opening van het Spoorwegmuseum aan de Maliebaan. Henri Asselberghs was toen directeur van het museum. Zijn dochter Marie-Anne is later directeur van het museum geworden, na een lange periode waarin dr. F.F. de Bruijn directeur was.


Als water en vuur. Een ontdekkingsreis vol avontuur door het rijk der spoorwegen in heden en verleden. Door Leonard de Vries. Uitgegeven door de Gemeente Utrecht in 1960. Dit boekje werd uitgereikt aan scholieren die in juli 1960 de lagere school verlieten. Met aan het eind een oproep om eens een bezoek te brengen aan het Spoorwegmuseum bij de Maliebaan.


De stoomlocomotieven en de locomotiefmodellen in het Nederlands Spoorwegmuseum. Door J.J. Karskens. Uitgeverij H. Stam, Haarlem 1965.


Trams en treinen in het Spoorwegmuseum. In 1978 door het Spoorwegmuseum uitgegeven gidsje waarin M.A. Asselberghs de langs de perrons opgestelde treinen en trams beschrijft.


Nederlandsch Spoorwegmuseum. Blanco notitieboekje met het portret van George Stephenson.

Dit boekje komt uit de nalatenschap van mevrouw Asselberghs. Zij wilde na haar terugtreden als directeur niets meer met het museum te maken hebben. Haar persoonlijke collectie is versnipperd geraakt en is bij verschillende handelaren terecht gekomen. Op een beurs heb ik een paar boekjes gekocht. Ook via Marktplaats heb ik geprobeerd wat dingen te kopen, maar de betreffende handelaar reageerde daar vreemd op.


Met de groeten van Trijn. Spoorwegen op oude ansichtkaarten. Samengesteld door Marie-Anne Asselberghs, directrice van het Spoorwegmuseum. Bigot & Van Rossum, Blaricum 1971. ISBN 9061340632.

In memoriam Marie-Anne Asselberghs.


Nederlands Spoorwegmuseum. Een wandeling langs de verzameling. Door Marie-Anne Asselberghs. In 1987 uitgegeven door de Stichting Nederlands Spoorwegmuseum en de afdeling In- en Externe Betrekkingen van de NS. De auteur is vele jaren directeur geweest van dit museum, en voert ons in dit fraaie boekje langs de belangrijkste onderdelen van de collectie.

Als vriend van het Spoorwegmuseum kreeg ik dit boekje gratis van directeur Spaans.


Trein in het klein. Honderd jaar industrieel vervaardigde miniatuurtreinen. Samenstelling A.J.H. van Marion en P.Y. Zandstra. Verschenen ter gelegenheid van de gelijknamige tentoonstelling in het Spoorwegmuseum van 11 mei t/m 13 september 1987.

Dit exemplaar komt uit de nalatenschap van mevrouw Asselberghs. Voorin staan de naam en handtekening van Lex van Marion.


Het Nederlands Spoorwegmuseum. Een boekje... Dit boekje werd samengesteld door het Nederlands Spoorwegmuseum, vormgegeven door NS-design, en uitgegeven in 1990.


Museumgids. Dynamisch vormgegeven gids uit 1997, uitgegeven door het Spoorwegmuseum. ISBN 908036701X.


Station Utrecht Maliebaan. Door Lex van Marion. Uitgave van het Spoorwegmuseum ter gelegenheid van het 125-jarig bestaan van het Maliebaanstation in 1999. In dit boekje, gefinancierd door de Vrienden van het Spoorwegmuseum, wordt de geschiedenis van de Oosterspoorweg door Utrecht en van het station aan de Maliebaan beschreven.


Jaarverslag Nederlands Spoorwegmuseum 2000-2003. De subtitel luidt "Groot onderhoud" en heeft betrekking op de grote verbouwing, waarbij het museum een "herpostionering als attractiemuseum" is toebedacht. Het jaarverslag is op een ik zou haast zeggen "attractieve" manier vormgegeven: het is namelijk tegelijk ook een bouwplaat van De Arend met zijn drie rijtuigen.


Met een valies vol dromen. Fotoboek over de verbouwing van het Spoorwegmuseum te Utrecht. Foto's Jan Lankveld en Gé Dubbeldam, interviews Pieter Webeling. Uitg. Look a Book, 2005. ISBN 9075818262. Het boek bestaat voornamelijk uit (fraaie) foto's. Verder staan er interviews in met de ontwerpers van de vier "Werelden".

Hester Kloosterboer, decorontwerpster bij het NOB, tekende voor Wereld 3. Ze brengt perfect onder woorden wat er fout is aan haar ontwerp: "Dat is het voordeel als je mensen in een karretje zet. Je kunt makkelijk de kijkrichting bepalen. Op de seconde precies regisseer ik wat zij zien, horen en voelen. Zo probeer je de zintuigen zoveel mogelijk te manipuleren." Maar dat is dus wat een museumbezoeker nu juist niet wil, die wil in zijn eigen tempo zijn eigen zintuigen manipuleren.


Denk om uw bagage! Museumgids 2006. Uitgave van het Sporwegmuseum. ISBN 9075818270. Hieronder een "exploded view", een tot bankpasformaat opgevouwen plattegrond van het museum.


De 'Bergkoningin' en de spoorwegen in Nederlands-Indië 1862-1949. Door ir. E. Krijthe. Uitgegeven door het Nederlands Spoorwegmuseum, Utrecht 1983. Dit boekje verscheen naar aanleiding van de komst van de 'Bergkoningin' naar het Spoorwegmuseum. Dit is de bijnaam van een door Werkspoor gebouwde gelede smalspoorstoom­locomotief, die in 1928 in dienst kwam bij de Staatsspoorwegen in Nederlands-Indië. In 1981 werd deze prachtige loc geschonken aan het Spoorwegmuseum (sinds 2005 is de loc verstopt in een kermisattractie). In het boekje wordt ook ingegaan op de geschiedenis van de spoorwegen in Nederlands-Indië tot het jaar 1949, toen het land onafhankelijk werd. Met veel oude foto's en twee losse spoorwegkaarten.


Royal Class. Koninklijk reizen per trein. Door Ben Speet. Uitgeverij Waanders, in samenwerking met het Spoorwegmuseum. Verhalen van reizende koningen, vluchtende keizers, op de trein wachtende prinsen en prinsessen en hun kostbare koninklijke treinen. Koningen en keizers maakten vanaf het prille begin veel en graag gebruik van de spoorwegen. Uiterst luxe treinen vervoerden hen naar alle uithoeken van hun land. De kleine prinses Wilhelmina werd bijvoorbeeld door haar moeder koningin Emma overal mee naar toe genomen, om haar aan het volk te tonen. Maar de trein werd ook gebruikt om privé of in het staatsbelang bevriende koninklijke families te bezoeken. Uitgegeven ter gelegenheid van de tentoonstelling 'Royal Class' in 2010. ISBN 9789040076749.

Klik hier voor meer royalty.


Een greep uit het Spoorwegmuseum. In 2005 uitgegeven dvd met diverse films over het ontstaan van het vernieuwde museum. Ook met historische opnamen uit de archieven van het Nederlands Instituut voor Beeld en geluid, Polygoon, de RVD en de 'NVSB' zoals de NVBS op de hoes wordt genoemd. De "wereld" waarin twee stoomlocs staan ingemetseld, blijkt te zijn ontworpen door een decorontwerpster van de NOS. Die zie je in de film tevreden rondlopen, alles rustig bekijkend. Ze geeft er totaal geen blijk van dat de bezoekers dat straks niet kunnen. Die worden in het donker in een karretje rondgereden, en krijgen af en toe een paar seconden lang de tijd om iets in zich op te nemen, voordat het licht weer uitgaat. Net als de televisie zeg maar.


De overval in het Spoorwegmuseum. Door Guus Betlem jr., met illustraties van Geerard van Straaten. Uitgeverij Kluitman, Alkmaar 1959. Meneer Bollebakker moet na sluitingstijd van het museum het geldkistje opbergen waar de ontvangsten van die dag in zitten. "Dat is niet zo'n groot bedrag want de entrees zijn niet hoog..." Een spannend boek voor jongens van 8-12 jaar!


Heeft een trein een stuur? 50 vragen van kinderen over treinen. Door Christa Carbo. Uitgeverij Gottmer, in samenwerking met het Spoorwegmuseum, 2012. ISBN 9789025751708. € 9,95

Ik krijg weleens de vraag of ik een leuk boek weet voor kinderen die geïnteresseerd zijn in treinen. Dit is een prima boekje voor kinderen die goed kunnen lezen. Spoortechnisch klopt het ook allemaal behoorlijk, behalve de uitleg over de werking van de seinen. In het boekje staat dat die worden bediend door de treindienstleiders, maar de meeste seinen worden bediend door de rijdende treinen zelf. Het automatisch blokstelsel dus, en dat is niet zo ingewikkeld om uit te leggen. In het boekje wordt ook geschreven over het rustgevende kedeng-kedeng van treinen, maar dat doen treinen al heel lang niet meer sinds de spoorstaven aan lange stukken worden gelast. Ik denk dat de schrijfster zelf weinig in de trein zit.

Bekijk ook mijn verzameling jeugdboeken.


Staal, stoom & stroom. De treinen van het Spoorwegmuseum. Een uitgave van het Spoorwegmuseum uit 2013. ISBN 9789080367005.

Omdat ik alle collectieoverzichten wil hebben die het Spoorwegmuseum ooit heeft uitgegeven, kocht ik begin 2014 ook dit boek. Goed verzorgd en duidelijk geschreven door kenners van de materie. Dat laatste is geen verrassing voor wie de namen in het colofon beziet. Waaruit mijn bijdrage bestaat is me overigens niet duidelijk; mogelijk heb ik eens via de mail een vraag beantwoord. Of men heeft gebruik gemaakt van mijn site, wat ik ook alleen maar leuk vind. Een present­exemplaar heb ik dan weer niet gekregen, dus dit boek heb ik uit eigen middelen moeten bekostigen.



Nederlandsch Spoorwegmuseum. "Enkele plaatjes met een kort woord ter inleiding door Henri Asselberghs." Amsterdam, juli 1945. Het oudste exemplaar uit mijn collectie boekjes van het Spoorwegmuseum.

  

Sporen naar het front. Spoorwegen en oorlog. Guus Veenendaal. WBOOKS in samenwerking met het Spoorwegmuseum, 2013. ISBN 9789066300941.

Vanaf het begin van de spoorweg gebruikten militairen het nieuwe vervoermiddel voor hun doeleinden. In 1830 ging het nog maar om het vervoer van een paar honderd man van Manchester naar Liverpool. Spoedig daarna werden complete legers door Pruisen, Frankrijk en Rusland per spoor naar de slagvelden gebracht. Niet alleen in Europa, maar ook in Noord-Amerika en Europese koloniën in Azië en Afrika. Een eerste spoorlijn die uitsluitend voor militair vervoer diende was een lijn op de Krim in 1855. Er zouden er vele volgen. Zware kanonnen konden op rails gezet worden om zo de vijand van grote afstand te bestoken.

Dit boek verscheen in 2013 ter gelegenheid van de tentoonstelling Sporen naar het front in het Spoorwegmuseum.


Iconen van het spoor. Frederik Willem Conrad, spoorweg­pionier. Tentoonstellingsmagazine uit 2014, uitgegeven door het Spoorwegmuseum ter gelegenheid van 175 jaar spoor.

Conrad wordt gezien als de grondlegger van de Nederlandse spoorwegen. In dit magazine wordt dit door conservator Jos Zijlstra goed beschreven. In het museum zelf was het aan Conrad gewijde gedeelte helaas wat kinderachtig opgezet. Gelukkig waren in het museum ook een aantal prachtige iconen te zien, bestaande uit diverse buitenlandse stoomlocs uit de begintijd van de spoorwegen.

 

Toegangsbiljetten en andere objecten


Toegangsbiljet Spoorwegmuseum Utrecht. Er staat geen datum op, maar het zal uit de vroege jaren 70 stammen. Toegang toentertijd 2 gulden


Op zondag 28 juni 2009 was het vanwege werkzaamheden een dooie boel bij Blokpost Bunnik, dus voor mijn dagelijkse dosis treinenlucht ben ik even naar het Spoorwegmuseum gefietst. Ondanks mijn gevorderde leeftijd red ik dat in een half uur.

De toegang was voor mij als vriend van het museum gratis.


Toegangskaartje Spoorweg­museum, 24 juli 2014. Prijs 16 euro (35 gulden).

Ik was nog steeds "vriend", maar voor een te laag bedrag zodat ik de volle mep moest betalen. Inmiddels heb ik een museum­jaarkaart waarmee ik vrijwel alle Nederlandse musea gratis kan bezoeken.


 

Suikerzakjes uit de tijd dat een kopje koffie duurder was dan de toegangsprijs.


Dagretour naar het Spoorwegmuseum. Hiermee konden alle NS'ers met 50% korting het museum bezoeken. Uitgegeven op 8 augustus 2012 ter gelegenheid van het 175-jarig bestaan van de NS. In 2014 bestonden de spoorwegen opnieuw 175 jaar.


Heimwee Express

Elk tweede weekend van de maand reed de Heimwee Express. Een historische trein van het Spoorwegmuseum maakte enkele slagen naar een plaats in de omgeving. Aanvankelijk was dat Maarsbergen of Hilversum, later Amersfoort. Ik reed op 12 april 2015 weer een keer mee. Net op tijd, want in december van dat jaar is het museum gestopt met de Heimwee Express.


Rollend materieel

Bron: vroegere website van het museum en eigen waarnemingen. Aanvullingen en opmerkingen welkom. Overzicht voor het laatst aangepast in december 2017. Zie ook www.nmld.nl/nl/collectie/12.


Rollend materieel van het Spoorwegmuseum. Hieronder vallen niet het statische museummaterieel (zoals de oude stoomlocomotieven) en De Kameel (dit directievoertuig is eigendom van NS). Rollend is niet altijd hetzelfde als dienstvaardig (dit geldt bijvoorbeeld voor loc 3737).

Stoom­locomotieven
De Arend
NS 3737
B 1289 ➃

Diesel­locomotieven
DE 2215
DE 2264
DE 629 ➄

Elektrische locomotieven
NS 1010
NS 1107
NS 1111 ➀
NS 1125
NS 1202
NS 1211 ➁
NS 1302
NS 1312
NS 1656

Stalen rijtuigen
Stalen D 7521
Blauwe Roemeen WR 4249
Plan D, AB 7709
Plan D, RD 7659
Plan E, C 6703
Plan K, AB 7376
Plan W, B 4118 ➂
Fietsenrijtuig Df
Stuurstand Benelux
Twee DDM-rijtuigen

Elektrisch materieel
Blokkendoos Mat'24 (drie rijtuigen)
Mat'36 NS 252
Mat'46 NS 273
Hondekop Mat'54 NS 386
Plan V NS 876
Motorpost 3031
Postrijtuig Pec 1902 (P 8502)

Dieselmaterieel
NS 41 Blauwe Engel
NS 114 Plan U
NS 3426 Buffel

➀ in 2009 gesloopt.
➁ eind 2011 overgebracht naar Bahnpark Augsburg.
➂ twee andere Plan W-rijtuigen (4105 en 4107) zijn gedoneerd aan de Stichting Stoomtrein Fryslân; nadat deze failliet ging zijn deze rijtuigen terechtgekomen bij de Stichting Historisch Dieselmaterieel.
➃ Zweedse stoomloc, uitgeleend aan de ZLSM.
➄ Het Spoorwegmuseum bezit ook drie locomotoren: 311 (groen), 345 en 362 (met telescoopkraan). Hiervan is in elk geval de 311 dienstvaardig. Verder zijn er behalve de 629 nog enkele andere Hippels aanwezig. Of deze locs onder de museumcollectie of onder het rollend materieel vallen is niet duidelijk.

In 2025 heeft het Spoorwegmuseum een deel van de collectie overgedragen aan andere organisaties. Bovenstaand overzicht is niet meer actueel.



Vriend van het Spoorwegmuseum

Spoorwegmuseum Utrecht, 4 juli 2010. Selfie tijdens een bezoek aan de tentoonstelling Royal Class. In 1970 kostte een toegangskaartje voor het museum een gulden. In 2010 was dat opgelopen tot dertig gulden (13,50 euro). Maar als lid van de Vereniging Vrienden van Het Spoorwegmuseum mocht ik, door 30 euro per jaar te betalen, het museum zo vaak bezoeken als ik maar wilde.

Utrecht, 24 januari 2014. Ik kom al sinds 1959 in het Spoorwegmuseum. Dat schept toch een band. Ik heb ook lang vlakbij het museum gewoond en ging toen regelmatig even langs. Veel betaald personeel had het museum niet, dus de toegangsprijs was laag. En als je Vriend van het Spoorwegmuseum hoefde je helemaal geen toegang te betalen.


Vriendschap is mooi, maar...

Ik ben sinds de jaren 70 "vriend" van het museum. Begin januari 2014 - het contributiejaar 2014 was reeds begonnen - kregen de vrienden bericht dat het lidmaatschap 233% duurder was geworden. De verhouding tussen het lid­maatschap en de toegangsprijzen van het museum was in de loop der jaren scheefgegroeid, aldus het bestuur. In de brief stond niet dat dat te maken heeft met de nogal uitbundige stijging van die toegangsprijzen.

Vriendschap is mooi, maar wij zijn Gekke Henkie niet. Per jaar 100 euro betalen om onbeperkt toegang te krijgen tot het museum, terwijl een museumjaarkaart 50 euro kost? Daar­mee kun je onbeperkt bijna alle Nederlandse musea in, inclusief het Spoorwegmuseum. Een mooie oplossing voor wie zoals ik een paar keer per jaar een uurtje komt kijken. (Je kunt weliswaar vriend worden voor 20 of 50 euro, maar dat is zonder onbeperkte toegang.)



Tegenwoordig kan iedereen zijn eigen postzegels laten maken. In 2010 werd dat gedaan door de veertigjarige Vereniging Vrienden Nederlands Spoorwegmuseum.



Dienstmededeling en Vriendendienst

Medewerkers en vrienden van het Spoorwegmuseum kregen een paar keer per jaar het gecombineerde magazine Dienstmededeling/Vriendendienst thuisgestuurd. Sinds oktober 2017 zijn deze bladen gescheiden: Dienstmededeling verscheen voortaan digitaal en Vriendendienst bleef twee keer per jaar op papier verschijnen. Daarnaast verscheen sinds juli 2017 elke maand Vriendendienst - digitaal. In oktober 2025 verscheen het honderdste nummer; dat bleek ook het laatste nummer te zijn omdat de directeur van het museum de samenwerking met de Vrienden wenste te beëindigen. Meer hierover lees je verderop.




9 oktober 2025

Spoorwegmuseum zegt vriendschap op

In 1970 werd de 'Vereniging Vrienden van het Spoorwegmuseum’ opgericht. Ik weet niet meer precies wanneer ik lid ben geworden, maar dat zal zo'n vijftig jaar geleden zijn. Doel van de vereniging is het wekken van belangstelling voor het museum en het ondersteunen van bijzondere projecten.

Kort geleden kwam daar op een onverwachte manier een einde aan: de directie van het Spoorwegmuseum liet weten de samenwerking met de vereniging te beëindigen. Hieronder de tekst die ik en de andere leden op 9 oktober 2025 van het bestuur van de vereniging ontvingen:


Het Spoorwegmuseum zegt de samenwerking met de Vrienden op

Het bestuur moet u, zeer tot zijn spijt, de volgende belangrijke mededeling doen.

Op 19 september jl. stond een overleg gepland van drie leden van ons bestuur (Richard Weurding, Peter van der Vlist en Ernst Numann) met de directeur van het Spoorwegmuseum (Leontien Lems) en een ander lid van het Management team van het museum (Martin van Leussen).

Doel van de bespreking was een poging te doen om de onvrede weg te nemen die in de loop van de tijd over en weer was gegroeid over een aantal aspecten van de samenwerking. En om daarmee een gezamenlijk beeld te krijgen hoe wij dit kunnen verbeteren en hoe wij aankijken tegen onze samenwerking in de toekomst.

Van onze kant was voor dat overleg een discussienota opgesteld en aan de directie gezonden, waarover Leontien Lems en Richard Weurding enkele dagen voor het overleg nog telefonisch met elkaar hadden gesproken.

Tot onze verbijstering ging de directie in het overleg op 19 september het gesprek niet aan, maar deelde Leontien Lems ons mee dat het MT had besloten de ‘samenwerking’ met de Vriendenvereniging met ingang van 1 januari 2027 te beëindigen en in afwachting van die einddatum ook geen aanvragen voor subsidie meer bij de Vrienden in te dienen. Een schriftelijke bevestiging van het besluit van de directie lag al klaar en is ons ter plekke uitgereikt.

Het Spoorwegmuseum baseert haar besluit op – discutabele of zelfs onjuiste – argumenten, die op het volgende neerkomen:

  • De nieuwe koers van het museum, nodig om het museum gezond en toekomstbestendig te maken, sluit niet meer aan bij de doelgroep en de visie van de Vrienden; de Vrienden richten zich op volwassenen die geïnteres-seerd zijn in de (cultuur-) geschiedenis van het spoor en treinen; het museum richt zich vooral op families met kinderen en educatie;
  • Het museum meent dat er geen balans meer is tussen wat de Vrienden bijdragen aan het museum en de kosten die het museum maakt om de Vrienden te faciliteren. De Vrienden versterken het museum daardoor onvoldoende.

Het bestuur was en is uiteraard geschokt en verbijsterd door dit eenzijdige besluit en de gang van zaken daarom heen. Het heeft aan directie en Raad van toezicht van het museum een antwoord gezonden [zie hieronder]. Daarin zijn de gehanteerde argumenten weersproken. Een inhoudelijke reactie daarop van de kant van de geadresseerden is uitgebleven.

Het behoeft geen betoog het besluit van het museum een enorme impact heeft op onze vereniging, die zich meer dan vijfenvijftig jaar met succes voor het museum heeft ingezet.

De gevolgen van het besluit zijn nog niet geheel te overzien, ook al omdat het, voor zover wij weten, in museaal Nederland nog niet eerder is vertoond dat een museum zich ontdoet van een vriendenvereniging van wie het regelmatig subsidies ontvangt.

Vanzelfsprekend beraadt het bestuur zich op de ontstane situatie. Het is in spoedoverleg bijeen geweest. De eerste genomen maatregelen zijn:

  • er is tot een onmiddellijke ledenstop besloten en
  • er zal een informatieve ledenraadpleging plaatsvinden op 22 november 2025. Daarvoor zult u binnenkort een afzonderlijke uitnodiging ontvangen.

Het bestuur betreurt het te zeerste u deze slechte tijding te moeten brengen. Wij zullen ons uiterste best doen te onderzoeken welke mogelijke scenario’s ons ten dienste staan en die op 22 november met u bespreken.

Met vriendelijke groet namens het gehele bestuur,
Richard Weurding, Voorzitter


Antwoord van het bestuur aan de directie van het museum

Hieronder de tekst van de brief die het bestuur van de Vrienden op 24 september 2025 heeft gestuurd aan de directie van het Spoorwegmuseum (L. Lems) en de Raad van toezicht Spoorwegmuseum (R. Luyten).

Beste Leontien,

Wij zijn verbijsterd en met stomheid geslagen over hetgeen je in het gesprek van afgelopen vrijdag tussen jou en Martin van Leussen (MT lid museum) enerzijds en onze bestuursdelegatie van mij, Peter van der Vlist en Ernst Numann hebt medegedeeld aangaande de verbreking van de relatie van het Spoorwegmuseum met de Vereniging Vrienden van het Spoorwegmuseum.

Deze als een donderslag bij heldere hemel gekomen mededeling houdt in dat de dit jaar 55 jaar bestaande samenwerking eenzijdig door het museum per 1 januari 2027 zal worden beëindigd. Dat wordt bevestigd in de brief die je ons aan het einde van de bespreking hebt overhandigd.

Het initiatief tot het gesprek is van ons uitgegaan en wij hebben je tevoren een discussienota gezonden, waarover ik als voorzitter voor de bespreking telefonisch met jou van gedachten heb gewisseld. Daarbij heb je op geen enkele manier zelfs maar laten doorschemeren dat de insteek van het gesprek van de kant van het museum een geheel andere zou zijn. Wij dachten op basis van onze zorgvuldig verwoorde discussienota een goed gesprek te kunnen hebben over een gedeelde visie op de toekomstige samenwerking. Dat liep uit op een complete deceptie. Een overvaltechniek die men onder 'vrienden' niet verwacht en hoeft te verwachten.

Vanzelfsprekend zal ons bestuur, en zal uiteindelijk ook de ledenvergadering, zich op onze positie en de toekomst van de vereniging beraden. Daarom zullen wij hierna slechts kort ingaan op de inhoud van de brief. De brief roept een aantal vragen op.

a. Wat de door jou genoemde 'gezonde balans' tussen de prestaties en de tegenprestaties betreft: de door het museum opgestelde kosten-batenanalyse hebben wij vorig jaar al gezamenlijk besproken. Die bleek aanmerkelijk te moeten worden genuanceerd en werd bijgesteld. Nu lijkt hier weer in de brief opnieuw naar de eerste foutieve versie te worden verwezen.

b. Van korting op aankopen in de winkel is ons niets bekend.

c. Dat de doelgroep die de vrienden vormen niet meer verenigbaar zou zijn met de doelgroep(en) waarop het museum zich wil gaan richten, wekt verbazing: het Spoorwegmuseum zal zich, mogen wij hopen, toch in elk geval te allen tijde ten doel moeten blijven stellen het nationaal spoorwegerfgoed te bewaren en publiekelijk te ontsluiten. Dat maakt onze achterban tot een blijvend belangrijke doelgroep.

d. Wij hebben positief gereageerd op de aangekondigde 'koerswijziging' van het museum en hebben in het verlengde daarvan inmiddels al twee projecten gefinancierd die meer op het educatieve vlak liggen: de inrichting van de HSM-D en 'Dieren op het Spoor'. Dat zouden wij nooit gedaan hebben als wij dat niet aan onze eigen achterban hadden kunnen uitleggen. Wij snappen dus de lijn van argumentatie niet.

e. Onze vereniging telt bijna 800 leden die allen op hun eigen manier het museum een warm hart toedragen. Deze vriendschap is voor sommige leden zo sterk dat zij tot het einde van hun leven aanzienlijke donaties doen. De wijze waarop deze vriendschap nu eenzijdig door het museum wordt beëindigd is nauwelijks uitlegbaar.

Niettemin is met het besluit van de museumdirectie dat aan onze samenwerking - die voor zover wij weten nog nooit principieel ter discussie heeft gestaan - dus een eind moet komen, een eenzijdig besluit genomen zonder overleg en afweging van alternatieve opties.

Daarbij is het museum zich ongetwijfeld bewust van de impact die dit besluit voor het (voort)bestaan van onze vereniging heeft. Op dit punt hadden wij meer zorgvuldigheid van het museum mogen verwachten en behouden wij ons dan ook alle rechten voor.

Wij laten de beëindiging van de relatie geheel voor rekening van het Museum.

Wij vermoeden dat het in museaal Nederland nog niet eerder is vertoond dat een museum zich ontdoet van een vriendenorganisatie, van wie het regelmatig subsidies ontvangt. Een volkomen raadsel (en onzes inziens onverdedigbaar) is bovendien waarom het museum met onmiddellijke ingang - en dus meer dan vijftien maanden voor de afloop van de 'samenwerking'- blijkbaar niet meer met de vriendenvereniging in verband gebracht wenst te worden, alsof wij het museum ernstige imagoschade hebben toegebracht. Ook op dat punt behouden wij ons alle rechten voor.

Wij constateren overigens ook dat een inhoudelijke reactie op onze ingebrachte discussienota in het geheel niet aan de orde is geweest in onze bespreking, noch in de aan ons overhandigde brief. Daarom hechten wij eraan te beklemtonen dat wij in de komende periode blijven openstaan voor gesprekken met het museum, niet alleen om te praten over de door ons ingebrachte discussiepunten maar ook om te bezien of knelpunten die het museum blijkbaar ervaart, gezamenlijk kunnen worden geadresseerd.

Uiteraard zullen wij ons in de eerstvolgende bestuursvergadering beraden over de door het eenzijdige besluit van het museum ontstane situatie en de door onze vereniging uit te zetten koers. Je zult begrijpen dat wij dat buiten aanwezigheid van een vertegenwoordiger van het Museum willen doen.

Met vriendelijke groet,
namens het bestuur van de Vereniging Vrienden van het Spoorwegmuseum,
Richard Weurding, Voorzitter


Bericht aan de medewerkers van het Spoorwegmuseum

Langs een andere weg (dus niet via de Vrienden) kreeg ik de beschikking over het bericht dat Leontien Lems aan de medewerkers van het Spoorwegmuseum stuurde kort na het gesprek op 19 september:

Beste collega's,

Onlangs heeft er een gesprek plaatsgevonden met het bestuur van de Vereniging van Vrienden over het beëindigen van onze samenwerking per 1 januari 2027. Graag licht ik toe waarom dit besluit is genomen.

Zoals jullie weten, vaart het museum een nieuwe koers die noodzakelijk is om het museum financieel gezond en toekomstbestendig te maken. De koers en visie van het museum sluiten niet meer goed aan bij visie en doelgroep van de Vrienden. Zij richten zich primair op volwassenen die geïnteresseerd zijn in (cultuur)geschiedenis en (historische)treinen. Het museum blijft zich primair richten op gezinnen met kinderen en op educatieve groepen.

Daarnaast wordt de focus bij de werving van additionele financiële middelen verlegd naar thematische geefkringen en fondsen die breed maatschappelijk worden ingestoken. De huidige Vrienden kunnen het museum natuurlijk ook rechtstreeks blijven steunen door een donatie, schenking of legaat. Meer informatie daarover is te vinden op onze website.

Last but not least is er al geruime tijd geen sprake (meer) van een gezonde balans tussen de prestaties (baten) en tegenprestaties (lasten) die voor het Spoorwegmuseum voortvloeien uit de samenwerking met De Vrienden. De Vrienden versterken het museum daardoor onvoldoende. Dit heeft mij - in overleg met de Raad van Toezicht - doen besluiten de samenwerking met de Vereniging van Vrienden te stoppen per 2027.

De liefde voor het spoorse erfgoed van de Vrienden is groot en altijd groot geweest. Wij zijn blijven de Vrienden dankbaar voor projecten in het verleden die onder meer met financiële steun van de Vrienden tot stand zijn gekomen. Vanuit diezelfde liefde slaan we als Spoorwegmuseum echter een nieuw ‘spoor’ in om ook voor toekomstige generaties een relevante plek van beleving, verdieping en verwondering te zijn.

Mocht je naar aanleiding van dit bericht nog vragen hebben; zet ze even op de mail of spreek me even aan.

Met vriendelijke groet,
Leontien Lems



De laatste Vriendendienst

Begin december 2025 verscheen het laatste nummer van de Vriendendienst, het ledenblad van de Vereniging Vrienden van het Spoorwegmuseum. Het blad verscheen achttien jaar geleden voor het eerst. Al die jaren verzorgde Peter van der Vlist de redactie van de Vriendendienst. Tot en met nummer 36, want de directie van het Spoorwegmuseum heeft besloten om de relatie met de Vrienden te verbreken.

In zijn voorwoord schrijft Peter dat hij de recente ontwikkelingen als onwerkelijk ervaart: "De directie heeft bij diverse gelegenheden laten weten niet meer terug te komen op het besluit en dus wordt 2026 een jaar waarin we ons moeten bezinnen op de toekomst van de vereniging. Als redacteur van de Vriendendienst denk ik dat er volgend jaar geen ruimte meer is voor een blad dat met veel plezier werd samengesteld met onderwerpen die steeds 'ons' museum betroffen. De relatie met 'mijn' museum is verbroken."

Peter memoreert ook de twee laatste projecten die mede door de Vrienden mogelijk zijn gemaakt: de inrichting van de HSM-D en de expositie Spoordieren. Hiervoor zijn bedragen van 20.000 resp. 35.000 euro overgemaakt. De opmerking van de museumdirectie dat de Vrienden goed zijn voor 'relatief kleine bijdragen' moet dus misschien worden genuanceerd, aldus Peter.

Ook de voorzitter van de Vrienden, Richard Weurding, komt in het blad terug op het besluit van de museumdirectie. Hij schrijft: "De 55-jarige samenwerking tussen Spoorwegmuseum en Vriendenvereniging werd door de museumdirectie onaangekondigd en eenzijdig verbroken. Andere koers, nieuwe doelgroepen en nieuwe 'geefkringen' vormen de nieuwe focus van het museum. De Vriendenvereniging en zijn achterban horen hier niet bij, zo viel te beluisteren."

Op 22 november 2025 vond een ledenbijeenkomst plaatst waar meer dan 100 leden aanwezig waren. Ook hier was sprake van grote verbazing en ook emotie over de onbegrijpelijke handelwijze van het museum, en over de volstrekte miskenning van de betekenis en waarde van de vereniging. "Veel onderdelen van de museumcollectie zouden niet zijn bewaard of zijn gerealiseerd zonder de Vriendenvereniging", aldus Richard Weurding.

Tijdens de ledenbijeenkomst zijn geen besluiten genomen over hoe het nu verder moet met de vereniging en met het (aanzienlijke) bedrag dat in kas is. Dat gebeurt in de loop van 2026.

Ambassadeur

Het Spoorwegmuseum bij de Maliebaan in Utrecht werd in 1954 geopend. Mijn eerste bezoek vond plaats in 1959, toen ik acht jaar was. Daarna ben ik er vele malen geweest, vooral in de jaren 80 toen ik bijna in de achtertuin van het museum woonde. Hoe lang ik lid ben van de Vereniging Vrienden van het Spoorwegmuseum weet ik niet precies, maar dat is zeker ook alweer een halve eeuw. Ik beschouw mijzelf als trouwe fan van het museum, en ik had en heb ook regelmatig contact met verschillende vriendelijke medewerkers en vrijwilligers. En natuurlijk voel ook ik mij geschoffeerd door de huidige directeur van het museum. Zo beweert ze dat Vrienden korting krijgen op aankopen in de museumwinkel. Als dat waar is, dan heb ik nog een aardig bedrag tegoed van die winkel. En kennelijk begrijpt ze niet dat die 800 Vrienden niet alleen donateur zijn maar vooral ook ambassadeur. Die nemen hun kinderen en kleinkinderen mee om ze kennis te laten maken met een leuk en interessant museum. Maar de lol is er voor mij momenteel wel een beetje af.

Nico Spilt (uit NVBS Actueel, 24 december 2025)




Zie ook

Op internet

Activiteiten van de Vrienden

Herinnering aan het Spoorwegmuseum (pdf). Dochter Charlotte schreef deze herinnering in het najaar van 2005, toen ze 17 was, voor school.




vorige       start       omhoog