Kilometers en hectometers


Utrecht, 6 april 2004. Langs het spoor zie je om de honderd meter een hectometerbordje. Vroeger stonden die laag bij de grond op een apart paaltje, maar steeds vaker worden ze wat hoger aan bovenleidingmasten gemonteerd, zodat de machinist ze goed kan zien. Hij heeft deze bordjes nodig om zich te oriŽnteren.

De nummering begint meestal bij een groot station. Zo is Utrecht Centraal het nulpunt van de lijnen naar Gouda en naar Den Bosch. Het nulpunt van de lijn naar Den Bosch ligt in feite 900 meter zuidelijker, op de plaats waar vroeger het Staatsspoorstation lag. Het huidige station was oorspronkelijk van de NRS.


Amsterdam Amstel, Kilometerbordje 1,5. Dit is de afstand vanaf het vroegere Amsterdam Weesperpoort. Dit was een kopstation. Tegenwoordig ligt op die plaats onder de grond een metrostation. De spoorlijn uit Utrecht loopt sinds 1939 met een boog om Amsterdam heen, om bij Muiderpoort aan te sluiten op de vroegere HSM-lijn naar Amsterdam CS.


Utrecht, 21 augustus 2006. Aan de spoorlijn Amsterdam-Arnhem moet station Utrecht genoegen nemen met de kilometeraanduiding 35, zoals te zien is aan een oud bordje halverwege spoor 8. Dit is een van de oudste spoorlijnen van Nederland, de door de Nederlandsche Rhijnspoorweg-Maatschappij (NRS) aangelegde lijn naar Duitsland. Het bordje 35 stamt uit de tijd dat Weesperpoort het nulpunt was. In november 2011 is het verdwenen.


Hilversum, 30 maart 2005. Langs spoor 1 wordt het beginpunt van de lijn naar Utrecht aangegeven. De lijn Hilversum-Utrecht is een zijtak van de Oosterspoorweg: de HSM-lijn Amsterdam-Amersfoort-Apeldoorn-Zutphen-Winterswijk-Duitsland.

Bij Blauwkapel kruiste de lijn uit Hilversum de NCS-lijn van Utrecht naar Amersfoort-Zwolle-Kampen. Het eindpunt lag bij het Maliebaanstation. Vanaf dat station konden treinen nog wel een stukje doorrijden naar Lunetten. Daar was een halte waar je kon overstappen op de lijnen naar Arnhem en Den Bosch. Bij Blauwkapel zijn later verbindingsbogen aangelegd, zodat bijvoorbeeld treinen uit Hilversum konden doorrijden naar Utrecht CS. Het Maliebaanstation fungeert tegenwoordig als Spoorwegmuseum.


Tussen Hilversum en Hollandsche Rading, 8 september 1973. Kilometerbord 3 aan een bovenleidingportaal. Naast het spoor staat een hectometerpaaltje (stuk spoorstaaf) met het cijfer 0. De trein bevindt zich op precies drie kilometer van Hilversum. Het grote blauwe bord is van kunststof. Later zijn deze borden vervangen door witte aluminium bordjes waarop zowel kilometers als hectometers staan aangegeven. Foto gemaakt tussen de rails.


Zeven kilometer bij station Utrecht vandaan, bij km 42, ligt station Bunnik. Nog iets verder wordt km 42,5 bereikt, waar ik op 9 juni 2006 deze foto maakte. De machinist is Dolf Dijkstra. Deze "Rhijnspoorweg" was aanvankelijk in breedspoor uitgevoerd, maar dat bleek toch niet zo handig te zijn toen men eenmaal Duitsland had bereikt, want daar gebruikte men overal normaalspoor. Tussen 1852 en 1864 zijn alle Nederlandse breedspoorlijnen omgebouwd tot normaalspoor.


 

Schin op Geul, 10 juli 2005. Dit station ligt in de oksel van twee spoorlijnen, en heeft daarom twee kilometeraanduidingen, of liever gezegd meteraanduidingen. De aanduiding 7,752 is te zien aan de kant van de lijn naar Heerlen, de aanduiding 22,074 is het eindpunt van de lijn uit Simpelveld.


York Zero Post

York, 27 juni 2008. Het midden van het station York geldt als nulpunt van tien lijnen van de toenmalige North Eastern Railway. De Zero Post is een replica uit 2004. In Groot-BrittaniŽ duidt men afstanden aan in mijlen. Een mijl is 1,609 km. Langs de baan staan kwart-mijlpalen. Een toepassing hiervan lees je hieronder.


Hallade Track Recorder

Met de Hallade Track Recorder konden onregelmatigheden in het spoor worden gemeten. Men plaatste het apparaat op de vloer van een rijtuig. Tijdens het rijden werden op een strook papier de trillingen in drie richtingen vastgelegd: parallel (in de lengterichting van de trein), transversaal (heen en weer) en verticaal (op en neer). Ook de locatie van de trein werd geregistreerd. Dat was het werk van de man met stofbril die uit het raam hangt. Bij het passeren van een kwart-mijlpaal of station kneep hij in een rubber bal, zodat de daarmee verbonden tekenpen even op en neer ging. Illustraties uit "The Railway Book for Boys", 1930.


Verkenbord

Vechten, 8 september 2007. Een "verkenbord". De S betekent dat er een halte of station nadert waar de trein mogelijk moet stoppen, afhankelijk natuurlijk van de dienstregeling. Het bord staat op remwegafstand, dat wil zeggen ongeveer 1,5 kilometer voor de betreffende halte. In dit geval is dat Bunnik. Verkenborden zijn een aanvulling op de hectometerbordjes die de machinist gebruikt om zich te oriŽnteren. Links is zo'n hectometerbordje te zien, gemonteerd aan een bovenleidingportaal. Daar vlak voor staat een rond bord "aankondiging overweg". Zie toelichting hieronder.


Aankondiging overweg

Valkenburg, 24 september 2005. Treinstellen 186 en 113. Het bord op de voorgrond is een "aankondiging overweg". Het staat bij de geÔsoleerde las in het spoor waar de inschakelsectie van een overweg zich bevindt. Het bord dient ter oriŽntatie van machinisten, als zij een "Lastgeving aki/ahob/aob" hebben gekregen. Op deze lastgeving (tegenwoordig noemen ze dat aanwijzing) staat de betreffende overweg in kilometers en hectometers aangegeven, op deze foto 26,0. Het bord geldt hier voor beide sporen. In beide sporen zijn duidelijk ook de geÔsoleerde lassen te zien, en de "potjes" waar de kabels de grond in gaan. Foto Hans Hartemink.


Zie ook:




vorige       start       omhoog