RTM vroeger en nu


RTM: van Rotterdamse Tramweg Maatschappij tot Rijdend Tram Museum

Wij woonden in Hilversum, de familie van mijn moeder woonde in Stellendam, op Goeree-Overflakkee. Zeker twee keer per jaar gingen we daar op bezoek. Eerst met de trein naar Rotterdam, daarna met de tram naar Hellevoetsluis, dan met de veerboot naar Middelharnis, en tot slot met een gelede bus van de RTM naar Stellendam.

Later maakten we deze reis per auto, maar tijdens het wachten op de boot hadden we meestal genoeg tijd om het tramstation te bezoeken. Het trampersoneel maakte er een sport van om de motorwagen zo snel mogelijk om te laten lopen. De passagiers waren nog niet uitgestapt, of de tram stond klaar voor de terugreis. Dierbare herinneringen. Gelukkig is er veel bewaard gebleven, dankzij het Rijdend Tram Museum op de Brouwersdam bij Ouddorp.

Korte geschiedenis van de RTM

De Rotterdamsche Tramweg-Maatschappij (RTM) werd in 1878 opgericht om paardentrams te exploiteren in de stad Rotterdam. De maatschappij breidde snel uit, maar trok zich in 1904 terug uit het stadsvervoer om zich te concentreren op het vervoer van en naar de Zuid-Hollandse en Zeeuwse eilanden. Het stadsvervoer werd overgenomen door de RET.

De RTM legde een groot netwerk van stoomtramlijnen aan in de Hoeksche Waard, op Schouwen-Duiveland, Sint Philips­land, Voorne-Putten en Goeree-Overflakkee. Om de verbindingen op de eilanden op elkaar aan te sluiten, werden ook veerdiensten opgezet. Onder andere vanuit Hellevoet­sluis; daar was een veerhaven met een tram­station. Ook was er een goederenhaven. De RTM vervoerde veel goederen en was bijvoorbeeld erg actief tijdens de suikerbietenoogst.

Na het beëindigen van het trambedrijf in 1966, kwam een deel van het RTM-materieel in bezit van de Tramweg Stichting. De bedoeling was om vanuit Hellevoetsluis een museumtrambedrijf op te zetten. Onder andere door tegenwerking van de gemeente is het nooit verder gekomen dan een kort lijntje. Pas na de verhuizing naar de Brouwersdam kon de RTM uitgroeien tot een bloeiend museumbedrijf.

De/het RTM is na de verhuizing naar Ouddorp nog een paar keer van naam veranderd. Eerst in stichting Recreatieve Toeristische Museumlijn, daarna in stichting v/h Rotterdamse Tramweg Maatschappij (v/h = voor­heen). Nu dus Rijdend Tram Museum.

Persoonlijke herinneringen

Met de tram naar Hellevoetsluis (pdf)

Een wandeling door Stellendam (pdf)


logo van de RTM: gevleugeld wiel met het wapen van Rotterdam


suikerzakje van de RTM


ik ben sinds de jaren 70 donateur van de RTM



Lijnennet van de RTM

Lijnennet van de RTM anno 1956

Tramwegen en stoombootdiensten van de RTM, met museumlijn anno 1995. Bron: kalender 1995 (bewerkt).


De winter van 1962/1963

De Hef, aan het eind van het straatspoor van de RTM in de Rosestraat. Foto's W. Spilt.

Rotterdam, winter 1962. Het tramstation van de RTM. Vanaf de Rosestraat, vlakbij De Hef, vertrokken de trams naar Voorne-Putten en naar de veerhaven van Hellevoetsluis. Deze foto's zijn in de strenge winter van 1962 gemaakt door mijn vader. Wij waren op weg naar Stellendam. Met de tram naar Hellevoetsluis, en dan de boot naar Middelharnis. Een week later konden we niet meer wegkomen van het eiland, doordat het Haringvliet was dichtgevroren.


Rotterdam, september/oktober 1951. Drie stoomtrams van de RTM in de Rosestraat. Links loc 54, rechts loc 9. De loc in het midden is vermoedelijk 56. Achter het tramstation staat de rooms-katholieke Stieltjeskerk, gesloopt in 1976. Collectie Mike Morant.


Rotterdam, oktober 1953. Stoomloc 1 in de Rosestraat. Foto collectie Mike Morant.


Rotterdam, 21 juni 2008. Het vroegere RTM-station staat er (witgepleisterd) nog steeds, maar herbergt nu andere functies.


Oostvoorne, oktober 1953. Op de bovenste foto een restauratierijtuig, op de onderste foto locomotief M67. Deze loc is, net als veel ander materieel, bewaard gebleven. Foto's collectie Mike Morant.


   

Inwoners van Stellendam in een tram van de RTM, ca. 1943. Foto's Co van Gelder (oom van mijn moeder).
Ik en mijn broer Leo in een tram van de RTM, Hellevoetsluis, juli 1977.



Herbouw loc 37

Hiernaast: loc 37 van de RTM met een bietentrein. Foto collectie Nico Spilt.

Locomotief 37 heeft bij de RTM dienstgedaan van 1906 tot 14 januari 1956. De loc was gebouwd door Werkspoor, maar was vrijwel identiek aan het originele ontwerp van de Machinefabriek Breda, v/h Backer en Rueb.

Helaas is loc 37 in 1966 gesloopt. De Stichting RTM heeft met het oog op de belangrijke historische waarde als railerfgoed besloten tot volledige herbouw als werkende replica. In 2010 is men begonnen met de uitwerking van dit plan. Dankzij sponsoring en crowdfunding en met medewerking van diverse bedrijven worden alle onderdelen nieuw gebouwd.



Kalenderfoto's

Hieronder enkele foto's uit de RTM-kalender 1969.


Bietentram te Middelharnis bij de rangeerplaats bij de haven. Daar werden de wagens op een sleepschip geplaatst om overgezet te worden naar Hellevoetsluis. 1954.

De eerste autobus op Flakkee van de heer De Zanger uit Rotterdam. Deze onderhield een lijndienst op Ouddorp vanuit Middelharnis. 1918.

Tramstation te Middelharnis, 1927. Aflossing van de dienst. Staande: machinist Razenberg, stoker Korteweg, conducteur Fun, stoker M. Blok.

Dieselmotorloc M56 op het tramstation te Dirksland gaande in de richting Ouddorp. 1956.


Streekmuseum Goeree-Overflakkee

Sommelsdijk, augustus 1971. Vitrine met RTM-attributen in het Streekmuseum Goeree-Overflakkee. www.streekmuseum.nl


 

Tramstation Hellevoetsluis (prentbriefkaart uit 1936). Tramstation Stellendam (prentbriefkaart collectie Carina Spilt).


 

Tramhaven Hellevoetsluis met tramboot S.S. Min. v.d. Sleijden. Prentbriefkaarten collectie Carina Spilt.


 

Middelharnis: tramhaven en tramstation (prentbriefkaarten).


Middelharnis en Hellevoetsluis, jaren 50/60. De "Haringvliet", een van de schepen die de verbinding onderhielden tussen Hellevoetsluis en Middelharnis. Deze schepen werden geëxploiteerd door de RTM. Prentbriefkaarten collectie Jan Jongejan.


Brielle, veerpont Brielle-Rozenburg. Daarop een bus van Vermaat (SB-82-01) met bestemming Hellevoetsluis. Prentbriefkaart collectie Harry de Groot.


Een artikel uit "Rijdend Nederland" uit maart 1962, over het veer Middelharnis–Hellevoetsluis. De opa van Jan Jongejan was een van de kapiteins. Hij staat pontificaal in beeld. Klik op het artikel voor een vergroting.


 

De eerste auto van mijn vader, een Austin A30, in 1958 op de "Haringvliet". De tweede foto, uit 1962, is gemaakt tijdens het wachten op de veerboot in Hellevoetsluis. Mijn zusje Carina kijkt in de lens. Foto's W. Spilt.


Barendrechtse brug


Barendrechtse brug, december 1967. Op de foto's hier­boven de Austin Cambridge van mijn vader, die moet wachten voor de geopende brug. Mijn broer en zus zijn even uitgestapt.

De foto rechtsonder is een paar dagen later gemaakt, op de terugweg richting Rotterdam. In het wegdek van de brug zijn links de dichtgesmeerde tramrails zichtbaar. Tot 1956 lag er één tramspoor over de brug, net zoals dat bij de Spijkenisserbrug het geval was. De Barendrechtse brug is in 1970 gesloopt, na het gereedkomen van de Heinenoord­tunnel.





Spijkenisserbrug

Utrecht, Eurospoor, 22 oktober 2004. Spijkenisserbrug en RTM-bus "Wasbeer", gebouwd door de Voornse Modelspoor-Vereniging. Op de baan (1:87) rijden natuurlijk ook trams van de RTM. In 1978 is de Spijkenisserbrug vervangen door een nieuwe brug. www.voornse-modelspoor.nl


Inhaalverbod op de Spijkenisserbrug. Op deze brug lag één tramspoor. Aanvankelijk in het midden van de brug, later werd het spoor naar een zijkant verplaatst. De brug werd ook door het wegverkeer gebruikt. De helft van de trams reed dus links. Tegemoetkomende auto's moesten daarom naar links uitwijken om niet frontaal tegen zo'n tram te botsen. Dit verklaart het inhaalverbod voor auto's die van de andere kant kwamen. Tot begin 1966 reden er trams over deze brug. Tot 1956 bestond eenzelfde situatie op de Barendrechtse brug. Tegenwoordig zou zoiets ondenkbaar zijn, maar in die tijd reden er niet zo veel auto's. Bovendien maakte het doorgaande autoverkeer vanaf 1955 voornamelijk gebruik van de Botlekbrug. Foto gemaakt op 22 mei 1961 door Ton Pruissen. Meer over links of rechts rijden.


Botlekbrug

De Botlekbrug in 1962. Deze brug ligt net als de Spijkenisserbrug over de Oude Maas. Wij zijn met de auto op de terugweg van Stellendam naar Hilversum. Het verkeer moet wachten omdat de brug geopend is. Links op de brug ligt een goederenspoor van NS. Foto's W. Spilt. In 2015 is een nieuwe Botlekbrug gebouwd. Bovendien ligt er sinds 2006 een Botlekspoortunnel. Zie ook de Maastunnel uit 1942.


Afscheid van de RTM

 

Op 25 oktober 1964 organiseerde de NVBS een afscheidsrit over het restant van de RTM-lijnen. Bron: Op de Rails, oktober 1964 en april 1965. In de aankondiging van de rit valt te lezen dat de tramdienst per 1 januari 1965 zou worden gestaakt, maar de RTM kreeg daar geen toestemming voor; de trams zouden nog ruim een jaar blijven rijden. Dankzij de NVBS en de daaruit voortgekomen Tramweg-Stichting kon een groot deel van het trammaterieel behouden blijven. Wel werden alle tramsporen opgebroken, op het emplacement van Hellevoetsluis na.


De RTM zet bussen in

 

Hellevoetsluis, 14 april 1973. De opvolgers van de RTM-tram: de bussen 64 "Meeuw" en 72 "Gazelle". Van de RTM-bussen zijn 35 "Fennek" en 38 "Wasbeer" bewaard gebleven. De 35 bevindt zich tegenwoordig in het Noordelijk Busmuseum te Winschoten, de 38 is in bezit van de Stichting Veteraan Autobussen.


Het begin van een nieuw begin

 

Hellevoetsluis, 21 september 1968. De eerste schreden van het Rijdend Tram Museum, toen nog onder de vlag van de uit de NVBS voortgekomen Tramweg-Stichting. Rechts de cabine van MD 1805 "Meeuw".


Hellevoetsluis, 21 september 1968. MABD 1602 "Reiger" in actie. De toegang tot den tramweg is verboden.


Hellevoetsluis, 21 september 1968. MABD 1804 "Kievit" in desolate toestand. In september 2011 is dit motorrijtuig geheel gereviseerd weer in dienst gesteld bij de RTM in Ouddorp.


Biljet van de Stichting Rijdend Trammuseum uit Hellevoetsluis, naar een origineel RTM-biljet.


Afscheid van de "Haringvliet"

 

Hellevoetsluis, 21 september 1968. De tram rijdt al twee jaar niet meer in de normale dienst, en Goeree-Overflakkee is per auto bereikbaar, maar de veerboot vaart nog steeds. De "Haringvliet" is aangekomen uit Middelharnis en neemt zo dadelijk het handjevol auto's op dat heeft staan wachten.


Hellevoetsluis, 21 september 1968. Op de steiger de Scaldia van mijn vader; in de achtergrond het dichtgetimmerde tramstation van de RTM. Drie jaar later, toen de tweede oeververbinding gereed was, zou ook de veerdienst worden opgeheven.


Hellevoetsluis, 14 augustus 1971. De laatste dag waarop de "Haringvliet" dienstdeed tussen Hellevoetsluis en Middelharnis.


Museummaterieel

Utrecht, 1 augustus 1970. Loc 57 van de RTM op het voorplein van het Spoorwegmuseum. Achter loc 57 stond houten rijtuig AB417. Stoomloc en rijtuigen zijn later overgebracht naar de RTM in Ouddorp.


Utrecht, 9 juni 1973. Rijtuig B364 en houten motorrijtuig M67 van de RTM. Ook dit motorrijtuig is later overgebracht naar het Rijdend Tram Museum. De dieselmotor bleek na jaren stilstand nog gewoon gestart te kunnen worden.


 

Hellevoetsluis, 14 juli 1973. Na het beëindigen van het trambedrijf in 1966, kwam een deel van het RTM-materieel in bezit van de Tramweg Stichting. De bedoeling was om vanuit Hellevoetsluis een museumtrambedrijf op te zetten. Onder andere door tegenwerking van de gemeente is het nooit verder gekomen dan een kort lijntje.


 

Hellevoetsluis, 14 juli 1973 en 31 juli 1977. Auto's van het brandweermuseum, in die tijd een buur van de RTM.


Fuut en Stern

Hellevoetsluis, 14 april 1973 en 30 juli 1977. Rijtuig BD2011, de helft van een Frans tramstel dat bij de RTM dienst heeft gedaan. Het motorrijtuig was de AR2001BD; samen vormden ze de "Fuut". Een wat kleiner tramstel was de "Stern". De RTM kocht deze uit de jaren dertig stammende autorails in 1952 van de Chemins de Fer Départementeaux uit Parijs. In 1965/66 zijn drie van de vier rijtuigen gesloopt. De wielloze 2011 heeft in Hellevoetsluis dienstgedaan als kantoor, maar is kennelijk later ook gesloopt.

Onderste foto: Spoorwegmuseum, 25 februari 2011. Een model van de "Stern" gebouwd door Henk Wust, onder­deel van zijn diorama "Strien" (zo spreken ze in Strijen de naam van hun woonplaats uit).


Loc 54

Twee keer stoomloc 54. Boven: Hellevoetsluis, 30 juli 1977. Onder: Brouwersdam, 5 augustus 2009; foto Adrie de Jager.


De RTM in juli 2002 bij Port Zélande en bij het depot. Pas na de verhuizing naar de Brouwersdam kon de RTM uitgroeien tot een bloeiend museumbedrijf. Op deze foto's: M1805 "Meeuw", M1602 "Reiger" en stoomloc 56.



Koninklijk bezoek aan de RTM

De Tramkoerier, 31e jaargang nummer 2
Ik ben al jaren donateur van de stichting RTM. Elk kwartaal ontvang ik de Tramkoerier, met artikelen over de oude en de nieuwe RTM. De oude RTM waar ik jeugdherinneringen aan heb, en de nieuwe RTM die ik graag steun.

In het zomernummer van 2013 uitgebreid aandacht aan het bezoek van het koninklijk paar op 21 juni 2013. Dat reisde een eindje mee in rijtuig AB 417, dat sindsdien als koninklijk rijtuig te boek staat bij de RTM.


Fietsen langs sporen van de tram op Goeree-Overflakkee

Op het eerste gezicht is de tram voorgoed verdwenen van Goeree-Overflakkee. Er is in de dorpen geen rail en geen biels meer te bekennen. Maar wie goed kijkt, ziet de sporen van de Rotterdamsche Tramweg Maatschappij (RTM) op heel veel plaatsen opduiken, zoals trambruggetjes en haltegebouwen. Deze zomer kun je op de fiets de RTM-historie van het eiland ontdekken: Erfgoedhuis Zuid-Holland ontwikkelde twee fietsroutes langs sporen van de RTM op Goeree-Overflakkee.

Rotterdamsche Tramweg Maatschappij
De Rotterdamsche Tramweg-Maatschappij werd in 1878 opgericht om paardentrams te exploiteren in de stad Rotterdam. De maatschappij breidde snel uit, maar trok zich in 1904 terug uit het stadsvervoer om zich te concentreren op het vervoer van en naar de Zuid-Hollandse en Zeeuwse eilanden. De RTM legde een netwerk van stoomtramlijnen aan in de Hoeksche Waard, op Schouwen-Duiveland, Sint Philipsland, Voorne-Putten en Goeree-Overflakkee. Om de verbindingen op de eilanden op elkaar aan te sluiten, werden ook veerdiensten opgezet.

“Hoezee, de tram rijdt op Flakkee”
Goeree-Overflakkee kwam pas vrij laat aan de beurt, in 1909. De RTM legde op het eiland twee lijnen aan, één vanuit Ouddorp en één vanuit Ooltgensplaat, die elkaar in Middelharnis troffen. Daar werd ook een speciale tramhaven aangelegd. Op 30 april 1909 werd de eerste tram feestelijk binnengehaald door zingende schoolkinderen: “Hoezee, hoezee, de tram rijdt op Flakkee / Kijk, kijk, daar komt ze aan! / Ze blijft hier even staan! / Stap in, stap in en rij maar mee!” Het eiland profiteerde enorm van de tram. Er reisden jaarlijks wel 150.000 reizigers mee met de tram. Ook het goederenvervoer nam een grote vlucht. Kolen, suikerbieten en graan werden vervoerd. Er waren speciale wagons voor het vervoer van melkbussen, open wagons met losse hekken voor het vervoer van vee en postwagons, waarin PTT-ers al rijdend de post sorteerden.

Fietsroutes
De routes geven veel achtergrondinformatie en zijn geschreven door Wim Wegman, bekend van publicaties over o.a. de Haarlemmermeerspoorlijnen. Er is keuze uit twee fietsroutes van 40 en 65 kilometer, die voor een groot deel het voormalige tracé volgen. De routes zijn ontwikkeld in samenwerking met RTM Museum Ouddorp, Streekarchief Goeree-Overflakkee en de Gemeente Goeree-Overflakkee. Exemplaren zijn verkrijgbaar bij de plaatselijke VVV’s en via het Erfgoedhuis.

Bron: geschiedenisvanzuidholland.nl, juni 2013.



Beeld en geluid

De RTM in heden en verleden. Deel 1: stoomtractie, deel 2: motortrams (50 minuten). Stichting Rail Art, 1996. Ook met beelden van het huidige museumbedrijf.

 

Historische geluidsopnamen van RTM-trams. CD met ruim 68 minuten geluidsopnamen uit de verzameling van Theo Barten. Railpress Papendrecht, 2002.


Rotterdamsche Tramweg Maatschappij anno 1928 (105 minuten). Bedrijfsfilm gemaakt ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan van de RTM. Stichting Rail Art.

 


Henry Tap

Henry Tap

Henry Tap (1905-1983) was van 1946 tot begin jaren 70 de vaste ontwerper van de RTM. Hij ontwierp dienst­regelingen en ander drukwerk, muur­schilderingen in stations, en zelfs hele trams. Ook de bekende afbeeldingen van dieren en planten op de bussen en trams waren van zijn hand.

In 'De Tramkoerier', herfst 2015, staat een artikel over hem. Ook in het jubileumboek van de RTM wordt aandacht besteed aan leven en werk van Henry Tap.


Boeken


De RTM van Oud naar Goud. Uitgave van de RTM, in samenwerking met Uquilair. ISBN 9789071513930. 247 pagina's, formaat A4, prijs € 44,75.

Dit boek is uitgebracht ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan van de Stichting v/h Rotterdamsche Tramweg-Maatschappij (RTM) te Ouddorp. Het is geschreven door vier RTM-medewerkers.

In het boek worden zowel het oude bedrijf als het RTM-trammuseum belicht, waardoor de logische verbanden tussen verleden en heden worden aangetoond. Niet alleen passeert het vroegere trambedrijf in al zijn aspecten de revue, ook worden vaak onderbelichte zaken behandeld, zoals het uitgebreide goederen­vervoer, de revisies van de stoomlocs en de speciaal voor de RTM gemaakte ontwerpen voor zowel materieel als drukwerk.

De weg naar succes bleek voor het RTM-museum lang en moeilijk. De ups en downs, het wel en wee en het uiteindelijke resultaat van 50 jaar museumtram komen in dit boek ook uitvoerig aan bod.

Veel illustraties in dit jubileumboek zijn nog nooit gepubliceerd, zoals veel kleurenfoto’s en tekeningen uit het eigen archief. Van de meeste voertuigen in het RTM-museum zijn prachtige kleurentekeningen opgenomen, die speciaal voor dit boek werden vervaardigd. Ook zijn in dit boek netkaarten en gedetailleerde plattegronden van emplacementen te vinden.

Als bijlage wordt een dvd geleverd met de geluidsfilm ‘De Eilandentram’ uit 1954 en drie vrijwel onbekende historische geluidsopnamen uit 1955 en 1961, overgenomen van oude 78-toerenplaten en elektronisch gerestaureerd. Deze dvd is niet apart verkrijgbaar.


Dienstregelingen RTM. Ingaande 29 september 1957, 22 mei 1966 en 3 juni 1973.

Op de dienstregeling van 1966 staat "de brug is open". Deze eerste vaste oeververbinding met Goeree-Overflakkee was het begin van het einde van de veerdienst tussen Hellevoet­sluis en Middelharnis. Deze is in 1971 opgeheven, en komt dan ook niet meer voor in de dienstregeling 1973.

  

De stoomtrams op de Zuid-Hollandse eilanden en in Zeeland. Door A. Dijkers en H.G. Hesselink. Uitg. Wyt, Rotterdam 1973. ISBN 9060076621. Deel 16 uit de serie Trams en tramlijnen.

Motortrams. Door H.G. Hesselink. Uitg. Wyt, Rotterdam 1977. ISBN 9060077628. Deel 26 uit de serie Trams en tramlijnen van uitgeverij Wyt.

Reeds in 1891 verschijnt als eerste de petroleummotor, en enkele jaren daarna kunnen we een op lichtgas lopende tram aantreffen. Na de eeuwwisseling zien we, onder andere in 1903, enkele pogingen om een stoomrijtuig te exploiteren, echter ook nog zonder succes. Dan in 1910 de eerste groots opgezette invoering van benzine-elektrische tractie bij de OSM. In de jaren twintig verschijnen de door auto's getrokken trams. Na de benzinemotortrams komen de diesel­mechanische en tenslotte de diesel­elektrische rijtuigen en loco­motieven. In 1932 nog pril, later op redelijke schaal bij de RTM tot 1966 toe.

 

Met de tram naar Voorne-Puten. Door F.C.G. Huizer. Uitgegeven door de afdeling Rotterdam van de NVBS. Tweede druk, mei 1982

De tramboten van de RTM en haar dochterondernemingen. Door W.J.J. Boot. De Alk, Alkmaar 1983. ISBN 9060139143. De RTM exploiteerde niet alleen een uitgebreid tramnetwerk op de Zuid-Hollandse eilanden en in Zeeland, maar onderhield ook diverse veerdiensten.

 ';

Uit de geschiedenis van de Rotterdamse Stoomtram. Deel 1. C.M. Koster. Uitgeverij Pirola, 1984. ISBN 9064550352.

Uit de geschiedenis van de Rotterdamse Stoomtram. Deel 2. C.M. Koster. Uitgeverij Pirola, 1985. ISBN 9064550387.



 

De stoomtram van de Rosestraat. Marja Visscher. Deboektant, 1989. ISBN 9071802221. Deel 1 van een serie. De Rosestraat in Rotterdam was de uitvalsbasis van de RTM. Het station lag vlak bij De Hef.

De stoomtram op Schouwen-Duiveland. Anna Jacobapolder-Steenbergen. Cor Pols. Deboektant, 1989. ISBN 9071802353. Deel 2 van een serie.

De stoomtram op IJsselmonde. Bas van der Heiden. Deboektant, 1990. ISBN 9071802434. Deel 3 van een serie.

De stoomtram in de Hoeksche Waard. Bas van der Heiden. Deboektant, 1990. ISBN 9071802493. Deel 4 van een serie.

De stoomtram op Goeree Overflakkee. Bas van der Heiden. Deboektant, 1991. ISBN 9071802566. Deel 5 van een serie. Goeree en Overflakkee zijn twee eilanden, in het midden verbonden door Stellendam.

De stoomtram naar Hellevoetsluis. Bas van der Heiden. Deboektant, 1991. ISBN 9071802647. Deel 6 van een serie. Met de RTM-tram van Rotterdam naar Hellevoetsluis, dan de RTM-veerboot naar Middelharnis. Tot slot met de RTM-bus naar Stellendam.

De stoomtram naar Oostvoorne. Bas van der Heiden. Deboektant, 1992. ISBN 9071802701. Deel 7 van een serie.

De paardetram van de RTM. De stoomtram Rotterdam-Schiedam. Bas van der Heiden. Deboektant, 1992. ISBN 907180285X. Deel 8 van een serie.

De stoomtram tijdens de watersnood. Bas van der Heiden. Deboektant, 1993. ISBN 9071802892. Deel 9 van een serie.

De stoomtram tijdens de bezetting. Bas van der Heiden. Deboektant, 1993. ISBN 9071802906. Deel 10 van een serie.

De stoomtram en de veerdiensten. Bas van der Heiden. Deboektant, 1994. ISBN 905534012X. Deel 11 van een serie.

De stoomtram en het goederenvervoer. Bas van der Heiden. Deboektant, 1994. ISBN 9055340235. Deel 12 van een serie.

De stoomtram uit de rails. Bas van der Heiden. Deboektant, 1995. ISBN 9055340367. Deel 13 van een serie.

De stoomtram naar het museum. Bas van der Heiden. Deboektant, 1996. ISBN 9055340596. Deel 14 van een serie.

De stoomtram en het personeel. Bas van der Heiden. Deboektant, 1996. ISBN 9055340804. Deel 15 van een serie.

De R.T.M. tram, een kleurrijk verleden. Bas van der Heiden. Deboektant, 1999. ISBN 9055341274. Boekje met kleurenfoto's van de periode na de Tweede Wereldoorlog tot aan het begin van de ZWN-periode. Deel 16 van een serie.

De R.T.M. door de ogen van dr. H.J. van Zuylen. Bas van der Heiden. Deboektant, 2002. ISBN 9055341843. De heer Van Zuylen was van 1949 tot 1977 directeur van de RTM. Van zijn hand zijn de ruim 90 foto's in dit boek. Deel 17 van een serie.

RTM stoomtram in kaart gebracht. Bas van der Heiden. Deboektant, 2004. ISBN 9055342203. Overzicht van de geschiedenis van de RTM aan de hand van ansichtkaarten. Deel 18 van een serie.

 
 
 
 
 
 
 
 
 

RTM autobussen op de eilanden. Bas van der Heiden. Deboektant, 1989. ISBN 9071802280.

RTM autobussen op de eilanden. Deel 2. Bas van der Heiden. Deboektant, 1998. ISBN 9789055341153.

 

Stellendam in de jaren 50. J. van Seters Bzn. Deboektant, 1990. ISBN 9071802469.

Foto's uit Stellendam, waar de familie van mijn moeder vandaan kwam. Aan de buitenkant van het dorp lag het tramstation van de RTM, aan de tramlijn Middelharnis - Ouddorp. Bij de watersnood van 1953 werd het tramnet ernstig beschadigd. Het werd weer opgebouwd, maar al in 1956 werd het personenvervoer stilgelegd, een jaar later ook het goederenvervoer.


Hellevoetsluis, Nieuw-Helvoet en Nieuwenhoorn. Herlevend Hellevoet 1945-1980. Door Arie Jan Stasse. Uitgeverij Aprilis, Zaltbommel 2004. ISBN 9059940180.

Hellevoetsluis, een Zuid-Hollands stadje aan het Haringvliet, is ontstaan aan het eind van de zestiende eeuw, bij de sluis van Nieuw-Helvoet. In de Tweede Wereldoorlog werd Hellevoetsluis voor een groot deel door de Duitsers afgebroken, maar na de oorlog herstelde de stad zich voorspoedig. Dit fraaie fotoboek laat de ontwikkeling zien die Hellevoetsluis tussen 1945 en 1980 heeft doorgemaakt. Uiteraard is er ook aandacht voor de door de RTM verzorgde verbindingen met Rotterdam (tot 1966 met de tram, daarna de bus) en de veerdienst (tot 1971) naar Goeree-Overflakkee. Hieraan heb ik met enkele foto's een bijdrage mogen leveren.

Lees ook Met de tram naar Hellevoetsluis (pdf)


Eisenbahnfähren in Westeuropa. Door P. Ransome-Wallis. Orell Füssli Verlag, Zürich, 1969. Oorspronkelijk Engelstalig boek over de veerboten waarmee treinen over het water werden vervoerd. Onder andere tussen Groot-Brittannië en Noord-Frankrijk en tussen Duitsland en Denemarken. Ook een bijlage over de veerschepen van de RTM:

Die Rotterdamsche Tramweg Maatschappij (RTM) nahm 1878 den Straßenbahnverkehr in Rotterdam auf; der Dienst wurde zuerst mit Dampf-, später mit Dieselantrieb bedient. Die Gleise hatten eine Spurweite von 1,067 m. Das Rotterdamer Tram verkehrte bis 1965. Zum Netz gehörten auch drei südlich von Rotterdam liegende Inseln - Overflakkee, Schouwen und Sint-Filips -, welche durch Bahnfähren miteinander und mit dem Festland verbunden waren. Die Fähren verkehrten zwar in Tidengewässern, aber es waren keine richtigen Auffahrrampen an den Fähranlegern. Statt dessen befanden sich bei jedem Hafen vier Anlegebrücken. Entlang dieser Anlegebrücken waren Gleise verlegt, die verschiedene Höhen über dem Wasserspiegel aufwiesen. Die Fähre legte dann dort an, wo es entsprechend dem Tidenstand am zweckmäßigsten war. Im Jahre 1953 wurde der regelmäßige Durchgangsverkehr eingestellt, nachdem der Dienst größtenteils verlottert war und die Bahnlinie durch die verschiedenen Sturmfluten, welche die ganze Gegend verwüsteten, schwer beschädigt wurde.



Zie ook:

Internet:

Persoonlijke herinneringen:





vorige       start       omhoog