TEE-stellen NS/SBB (Trans Europ Express)

Werkspoor bouwde in de jaren 50 de motorwagens van de Nederlands/Zwitserse TEE-stellen. Het stuurstandrijtuig en de twee tussenrijtuigen van de stellen werden in Zwitserland gebouwd. De treinstellen waren ontworpen door Elsebeth van Blerkom.

Jarenlang reden deze dieseltreinstellen TEE-diensten, zoals de Edelweiss tussen Amsterdam en Basel. Van deze prachtige treinstellen zijn er vijf gebouwd. De Zwitserse stellen werden aangeduid als RAm 501 en 502, de Nederlandse stellen DE-IV 1001, 1002 en 1003. Ze kwamen in 1957 in dienst.

Eén treinstel (RAm 501) is in februari 1971 bij een ongeluk in Duitsland verloren gegaan. De vier andere treinstellen zijn later verkocht aan Canada. In Canada werden de motorwagens al spoedig vervangen door diesellocomotieven, waarna de motorwagens werden gesloopt. Een deel van het materieel is inmiddels weer terug in Europa. Er zijn plannen om hieruit weer een nieuw TEE-treinstel op te bouwen. Twee rijtuigen bevinden zich nog in Canada; deze zijn in maart 2005 uitgebrand.

Ik besteed ook aandacht aan ander materieel dat TEE-diensten heeft gereden.

Hiernaast: advertentie uit spoorboekje 1964/65



Den Haag HS, jaren zestig. TEE-treinstel op weg naar Brussel en verder. Prentbriefkaart, collectie Nico Spilt.


Den Haag HS. Een TEE-treinstel vertrekt naar Amsterdam. In de achtergrond Post I. Foto collectie Cor de Rijke.


De Koppeling, 14 januari 1966. Deze foto laat zien wat het nadeel van treinstellen is: je kunt niet snel een extra rijtuig toevoegen. Bij grote drukte is meteen een tweede treinstel nodig. Of gewoon proppen, maar bij een TEE met gereserveerde zitplaatsen kan dat natuurlijk niet. Hoewel men tegenwoordig voor de City Night Line rustig kaartjes verkoopt voor rijtuigen waarvan men weet dat die defect zijn.


 

Rotterdam CS, 27 december 1968. Treinstel 1003 op weg naar Zwitserland. Tweede foto: Luxemburg, 19 juli 1969. SBB TEE-treinstel 501 op weg van Amsterdam naar Zwitserland. Dit treinstel is anderhalf jaar later bij een ongeluk verloren gegaan.


 

Rotterdam CS, 14 juli 1973. TEE-treinstel 1002 op weg naar Zwitserland. Rechts staat treinstel 1697 als stoptrein naar Hoek van Holland.


De eerste TEE-treinen waren treinstellen. Meestal dieseltreinstellen, omdat die makkelijk de grens over konden. Maar er werden ook TEE-diensten gereden met getrokken treinen, waarbij aan de grens dus van loc moest worden gewisseld. Foto links: Utrecht CS, 24 maart 1973. Loc 1222 met TEE "Rembrandt" loopt binnen uit Amsterdam. De trein is op weg naar Duitsland. Foto's hieronder: Rotterdam CS, 14 juli 1973. Rheingold-rijtuigen van de DB achter een blauwe 1200.

 

Op weg naar Brussel reden ook andere TEE-treinen. Zoals de "Ile de France" tussen Amsterdam en Parijs. Hier in Rotterdam op 14 juli 1973 met NMBS-loc 5106. De trein bestaat uit roestvrijstalen (Inox) rijtuigen, waaronder een rijtuig voor de energievoorziening van de trein.


Dordrecht, 26 mei 1974. NMBS-loc 1501 met TEE "Ile de France" Amsterdam-Parijs.


Train World, Schaarbeek, 28 juli 2016. NMBS-loc 1503 in een opstelling met een roestvrijstalen TEE-rijtuig. Rechts loc 211.006 (reeks 64) met een binnenlands rijtuig.


Eenentwintig jaar TEE

Meerderjarige TEE op nieuwe sporen (pdf). Artikel in Het Spoor 06/78, maandblad van de NMBS. Ook een artikel over de TEE-diesels in Canada, uit Het Spoor 01/79.



 

Amsterdam Sloterdijk, 18 mei 1974. TEE-stel 1001 met trein 91 "Edelweiss" op weg naar Zwitserland.


Voorschoten, 23 mei 1974. TEE 91 'Edelweiss' naar Zwitserland. Over een paar dagen is het afgelopen met de Nederlands/Zwitserse TEE-treinstellen.


 

Heemstede, 25 mei 1974. Treinstel 1003 had de eer om de laatste Edelweiss naar Zwitserland te rijden. 's Avonds zou de tegentrein in Amsterdam arriveren.


 
 

Amsterdam en Utrecht, 25 mei 1974. De laatste Edelweiss werd gereden door SBB 502 en NS 1001. Deze trein kwam 's avonds aan in Amsterdam. Hierna ging de 1001 leeg door naar Utrecht. De 502 ging de volgende dag naar Zwitserland. Op die dag keerde ook de 1003 terug naar Nederland.


Culemborg, 3 juni 1974. De NVBS organiseerde deze dag een afscheidsrit met de stellen 1001 en 1002. De rit voerde van Amsterdam naar Brussel en terug. Klik hier voor meer NVBS-excursies.


Rotterdam Zuid, januari 1975. Een loc van de reeks 51 van de NMBS brengt de Trans Europa Express naar Amsterdam. De foto is gemaakt vanaf de Varkenoordse brug, kort voordat station Rotterdam Zuid wordt bereikt. Foto Rob van der Rest.


 

Utrecht, 28 april 1976. De drie afgevoerde TEE-treinstellen van NS hebben lange tijd bij het Utrechtse postperron gestaan. Op de linkerfoto de 1001. Voor het kleuraccent wordt gezorgd door een gele blokkendoos en een groene mat.'46.


 

Bunnik, 15 april 1977. De tijd van de dieseltreinstellen is voorbij. Wat er nog aan TEE-treinen bestaat, wordt met elektrische locomotieven getrokken. Loc 1152 is met TEE "Rembrandt" op weg van München naar Amsterdam.


Tilburg en Eindhoven, juni 1978. De aan Canada verkochte TEE-stellen zijn gereviseerd en zijn aangepast aan de wensen van de nieuwe eigenaar. Voorafgaand aan de verscheping naar Canada vonden enige proefritten plaats. Foto's Bertus Kers.


Utrecht Centraal, 18 februari 2008. Soms blijkt er bij het spoor nog weleens een klein potje geld te zijn waarmee iets leuks kan worden gedaan. In de voetgangerstunnel die ooit onder de (toen nog drie) perrons is aangelegd, is te zien hoe die tunnel en de perrons er vroeger uitzagen. Daarbij is onder andere gebruik gemaakt van een foto van Kees van de Meene uit 1957, waarop een TEE-treinstel tijdens een proefrit is te zien. De sport is dan natuurlijk om die foto van vijftig jaar geleden opnieuw te maken, nu met een ICE-treinstel erop. De perronoverkapping is nog steeds hetzelfde, maar dat is dan ook zo'n beetje het enige wat aan het oude station Utrecht herinnert.


Een eerder ontwerp: de TREX

Spoorwegmuseum, 16 november 2016 en 3 februari 2017. Model van een sterk op een Hondekop lijkend treinstel. Kennelijk met een zesassige dieselmotorwagen (zie het verhoogde dak). De letters TREX staan voor Transeuropa Express.

Artist's impression van een TEE-treinstel. De tekenaar heeft gebruikgemaakt van foto's van het model dat zich nu in het Spoorwegmuseum bevindt. Bron: "De Nederlandsche Spoorwegen in vogelvlucht", een brochure van de NS uit 1956. Hoewel het ontwerp in dat jaar al klaar was — de TEE-stellen van NS/SBB zouden in 1957 op de baan komen — laat de tekenaar een treinstel zien met een Hondekop-achtige snuit. "De Trans-Europ Express zal een snelle, voor buitenlands verkeer frequente en kwalitatief hoogstaande dienst onderhouden tussen de belangrijkste knooppunten van west-Europa. Rijden deze treinen, die wijnrood met zilver van kleur zullen zijn, dan zal de stelling, dat grenzen in het moderne spoorwegverkeer wegvallen, wederom zijn bewezen." Aldus de laatste zinnen van deze brochure.


Hundekopf

Allstrom-Fernreisetriebzug. We zien een zesdelig treinstel dat met 250 km/uur kan rijden, en dat geschikt is voor vier verschillende stroomsystemen. Kortom de ICE avant la lettre. De cabine is duidelijk afgekeken van de Nederlandse Hondekop, maar dan met een Duitse koppeling en Duitse front- en sluitseinen. Knipsel uit een onbekend tijdschrift dat in 1966 (een jaar na de genoemde Internationale Verkehrsausstellung in München) moet zijn verschenen.


Enkele buitenlandse TEE-treinen


Amsterdam CS, 1963. Kort na het middaguur loopt een Frans TEE-treinstel binnen als TEE 103 "Ile de France" uit Parijs. Rechts is een treinstel mat.'40 te zien. Foto's Wietze Landman.


Amsterdam CS, begin jaren zestig. Een select groepje NS-machinisten mocht deze trein besturen tussen Emmerich en Amsterdam. Op het perron staat Dick Beenen, vader van Jan Beenen die mij deze foto mailde.


Koblenz, 13 augustus 1970. De in TEE-kleuren geschilderde loc 112 268 (E10.12) met de "Rheinpfeil". Door een wijziging van de overbrenging konden deze locs sneller rijden dan de normale E10. Later werd hun rol overgenomen door de locs E03 (103).


 

Utrecht, 4 oktober 1987. Een 601 is als gezelschapstrein onderweg van Amsterdam naar Duitsland. Na hun TEE-periode hebben deze luxe treinstellen nog vele jaren dienst gedaan als vakantietrein en voor extra ritten. Klik hier voor meer over deze treinstellen en hun Oost-Duitse tegenhangers.


Hollandsche Rading en Blauwkapel, 2 april 1999. Loc V200 007 met diverse Rheingold-rijtuigen, rijdend ten behoeve van een Duits gezelschap dat een bezoek bracht aan Hoorn. Heen ging het via Em-Ah-Ac, terug via Hvs-Utm-Em. Foto's Johan Nieuwenhuis en Vincent Prins.


Bunnik, 25 maart 2005. Loc 218 212 met gezelschapstrein TEE Rembrandt op weg naar Amsterdam.


Milaan, 14 juni 2005. Op de Piazza del Duomo staat een koprijtuig van de Settebello. Een luxe snelle trein uit de jaren vijftig. Van deze zevendelige elektrische treinstellen, type ETR 300, zijn er drie gebouwd. In 1960 kwam een variant met vier rijtuigen op de baan. Dit was de Arlecchino, type ETR 250, waarvan er vier zijn gebouwd. Deze hadden alleen eerste klas. De machinist zat in een cabine bovenop de trein, zodat de passagiers vrij uitzicht hadden over de baan. Foto Valentino van den Hoogen.


Boeken en brochures


Brochure uit omstreeks 1957 over de Nederlands/Zwitserse TEE-treinstellen, uitgegeven door Werkspoor Amsterdam, Schweizerische Industrie-Gesellschaft, en Aktiengesellschaft Brown, Boverie & Cie. Met foto's, tekeningen en technische gegevens. Kennelijk uitgegeven met het idee dat er misschien nog andere belangstellenden zouden kunnen zijn voor deze treinstellen.


Het terrein van Werkspoor Utrecht, met onder andere een zojuist gereedgekomen TEE-treinstel. Deze fabrieksfoto is in 1957 gemaakt. Op het terrein staan verder nog af te leveren Hondekoppen, goederenwagens en kolenwagens. Bron: Werkspoorfolders uit eigen collectie.

Elk treinstel bestaat uit een motorrijtuig en drie aanhangrijtuigen. Rijtuig 1 = motorrijtuig. Rijtuig 2 = 54 zitplaatsen verdeeld over 9 coupe’s. Rijtuig 3 = 18 zitplaatsen (stoelopstelling 2x4 en 1x2), restauratie (32 zitplaatsen over 8 tafels), office en keuken. Rijtuig 4 = 42 zitplaatsen (stoelopstelling 2x2 en 1x1) en slaapcabine. De apparatuur voor de besturing van het treinstel is ondergebracht in de stuurstanden van de rijtuigen 1 en 4.



Stuurstand van een TEE-treinstel. Uit een intern instructieboek.

21061 Toerenmeter voor hoofddieselmotor
24027 Ampéremeter voor tractiemotor
24030 Lampornament voor slipindicatie
24032 Lampornament voor hogedrukrem
24033 Lampornament voor remlamp
25001 Stuurstroomschakelaar
25007 Beproevingsdrukknop voor hogedrukrem
25011 Rijwals van controller
25012 Rijrichtingwals van controller
25032 Startdrukknop voor hoofddieselmotor
25033 Stopdrukknop voor hoofddieselmotor
25037 Schakelaar voor compressor
25081 Snelheidsmeter
25121 Bel automatische treinbeveiliging
25129 Omschakelaar automatische treinbeveiliging
25550 Hoofdschakelaar verlichting
25551 Omschakelaar frontsein- en seinlampen
25555 Schakelaar voor frontseinlampen
25556 Schakelaar voor seinlampen
25557 Dimschakelaar voor frontseinlampen
25558 Schakelaar voor verlichting dienstregeling­houder
25559 Schakelaar voor meterverlichting
25593 Regelknop dimmen meterverlichting
26103 Dienstregelinghouder
26104 Dodemanspedaal met voetverwarming
28010 Dubbele manometer voor remcilinder
28012 Dubbele manometer voor hoofdreservoir en remleiding
28079 Ontkoppelingspedaal voor automatische koppeling
28080 Remkraan
28103 Drukknop voor typhoon
28104 Pedaal voor typhoon
29052 Schakelaar voor voetverwarming
29051 Schakelaar voor ruitverwarming
29053 Schakelaar voor stuurstandverwarming
29801 Telefoontoestel in stuurstand



Model van het Nederlands-Zwitserse TEE-treinstel. Een compleet vierdelig TEE-stel kostte 355 gulden. Daarachter de Railzeppelin van Kruckenberg. Bron: Märklin-catalogus 1981.


Heemstede, 25 mei 1974. Treinstel 1003 reed als laatste Edelweiss naar Zwitserland. Postzegel uitgegeven door de Nederlandse Vereniging van Spoorweg Philatelisten, met een door mij gemaakte foto.


Märklin-uitvoering van de Nederlands/Zwitserse TEE.



TEE-design. Treinstellen op affiches voor de Trans Europ Express.

Niet alleen spoortechnisch was de TEE vernieuwend, maar ook wat betreft design. De opvallend vormgegeven treinstellen in de kleuren rood-crème droegen bij aan de legende. De herkenbare vormen van deze treinen waren erg geschikt om dienst te doen op affiches ter promotie van de TEE. Lees het hele verhaal in retours.



Met de Edelweiss van Amsterdam naar Zwitserland, via Brussel en Luxemburg. In 1972 was je na 8 uur en een kwartier in Basel. In 2008 kun je in dezelfde tijd met de ICE Bern bereiken, met een overstap in Frankfurt.





Uit "Onze treinen en locomotieven" (1966)



Uit een boekje dat in de jaren 60 zat verpakt bij grootpak Venz chocoladehagel.


TEE-treinstel op verzamelplaatjes uit de jaren 70. Duidelijk is te zien dat niet altijd de beste tekenaars werden ingeschakeld. Uitgegeven door Barratt & Co. resp. Joseph Bellamy & Sons.


Trans Europ Express. Door G.L.S. Willemse. Alkenreeks 134 (jaren 60).


Dieseltreinen in Nederland. Door Carel van Gestel e.a. Uitg. de Alk, Alkmaar, derde druk 1997. ISBN 9060139755. Overzicht van alle verbrandingsmotorrijtuigen en dieseltreinstellen die in Nederland dienst hebben gedaan of nog dienst doen, inclusief die van buitenlandse maatschappijen.


De Nederlands-Zwitserse TEE. Door Martin van Oostrom. Uitg. Uquilair 1997. ISBN 9071513289. Fraai boek over het ontwerp, de bouw en de levensloop van de dieselelektrische treinstellen NS 1001-1003 en SBB 501-502. In het begin van het boek komen ook enkele andere stellen uit de beginperiode van de TEE (medio jaren vijftig) voorbijrijden.


TEE-Züge der Schweiz. Luxuszüge für Europa. Door Hans-Bernhard Schönborn. GeraMond, München 2002. ISBN 3765471224. Na een inleiding over de voorgeschiedenis van de TEE worden de twee Zwitserse TEE-treinen behandeld. Dat zijn de samen met NS ontwikkelde dieselelektrische vierwagenstellen (RAm TEE I) en de vijfdelige elektrische treinstellen (RAe TEE II). Een foto van zo'n stel staat op het omslag. De elektrische stellen waren geschikt voor vier bovenleidingsystemen: 15 kV 16,7 Hz, 25 kV 50Hz, 1500 V = en 3000 V =, zodat ze in principe overal in Europa konden rijden. De vier stellen werden in 1959 afgeleverd en droegen de nummers RAe 1051-1054. Na hun TEE-periode werden ze als Intercity ingezet, voornamelijk tussen Zwitserland en Italië. Vanwege hun grijze kleurstelling werden ze "Graue Maus" genoemd. In het boek komen ook de andere TEE-treinen aan bod die door Europa hebben gereden.


Rheingold. 50 jaar luxetrein Nederland-Zwitserland F. Ernst. Schuyt & Co, Haarlem/Antwerpen, 1978. ISBN 9060970896. Oorspronkelijke titel 'Rheingold' - Luxuszug durch fünf Jahrzehnte, Alba Buchverlag, Düsseldorf, 1977.

De Rheingold was een luxetrein die vanaf 1928 van Hoek van Holland naar Zwitserland reed, daarbij voor een groot deel de route van de Rijn volgend. Vanuit Amsterdam reden ook rijtuigen, die in Utrecht werden gecombineerd met het gedeelte uit Hoek van Holland. Daarna ging het via Arnhem naar Keulen en Mainz naar Basel. Van 1951-1962 reed de trein vanaf Hoek van Holland via Rotterdam, Eindhoven en Venlo. Vanuit Amsterdam reed in die periode een andere trein: de Loreley Express. In 1962 kwamen ook de bekende panoramarijtuigen in dienst. In 1965 werd de Rheingold in het TEE-net opgenomen en reed de trein vanaf Basel door naar Genève. In 1987 ging het Eurocity-netwerk van start en kwam er een eind aan de TEE en daarmee ook de Rheingold.


Van Pullman tot TEE. Geschiedenis van de luxetreinen. Door George Behrend. Schuyt & Co, Haarlem 1979. ISBN 9060970942. Oorspronkelijke titel Histoire des Trains de luxe (1977). Toen je nog met de trein op reis ging.


La légende des Trans-Europ-Express. Entre luxe et grande vitesse. Door Maurice Mertens en Jean-Pierre Malaspina. Uitg. Loco Revue Presse, 2007. ISBN 2903651450. Uitgebreide heruitgave van een gelijknamig boek uit 1985.

De geschiedenis van de roemruchte TEE, een initiatief uit 1953 van president-directeur Den Hollander van de NS. Ze staan er allemaal in. Dit dikke boek is een mer à boire voor de liefhebber van de TEE-treinen die de schakel vormden tussen de luxe vooroorlogse treinen en de hogesnelheidstreinen van tegenwoordig. Het boek bevat zeer veel illustraties, waaronder een achttal uit mijn archief.


Zie ook:




vorige       start       omhoog